Voorbeelden van laag-contextueel denken

Algemeen

Laag-contextueel denken
Laag-contextueel denken

Laag-complex denken ≠ dom.

Er zijn heel wat mensen die laag-complex denken en toch succesvol zijn in het leven. Bekende voorbeelden zijn o.a. Donald Trump, Mark Zuckerberg en Elon Musk. Ze zijn sterk in eerstegraads denken en kunnen daardoor snel conclusies maken.

Dat heeft voordelen (doelgerichtheid, overtuigingskracht, eenvoud), maar vaak ook een keerzijde op langere termijn of voor de omgeving.

Positieve gevolgen

Beroepsgroepen

Sommige domeinen of beroepen zijn interessant voor laag-complexe denkers:

Egocentrisch denken

Zie egocentrisch denken. Kort samengevat: ≠ egoïsme, maar kan er wel toe leiden. Kenmerken:

Casus

Een vrouw denkt dat haar man het leuk zal vinden als ze met de kinderen onverwacht langs zijn werk komt. Ze houdt er geen rekening mee dat de kinderen (met autisme) een uur in de spits in de auto moeten zitten en volledig overprikkeld aankomen. Het resultaat: kinderen en moeder overprikkeld, man moet werk stoppen om situatie te redden. De intentie was goed, het effect niet.

Casus

Je verheft je stem om aandacht te krijgen of je gelijk door te duwen. Je beseft niet dat dit onaangenaam is voor de ander en dat je belangrijke informatie mist. Op lange termijn leidt dit tot schreeuwgesprekken of tot vermijden van gesprekken.

Casus

Een gesprek onderbreken om zelf een idee meteen te delen. Dit negeert de gevoeligheden van de ander en kan irritatie of afhaken veroorzaken.

Transactioneel handelen

Zie transactioneel handelen. Bij laag-complex denken zie je vaak transactioneel handelen: "ik doe X, zodat jij Y doet". De nuance of onderliggende wederkerigheid verdwijnt ten voordele van directe uitwisseling.

Casus

Een laag-contextuele persoon geeft kritiek. Later doet de ander iets onverwachts (bv. afwasmachine niet leeggeruimd). De eerste denkt: "dat is een reactie op mijn kritiek". Er wordt geen rekening gehouden met context zoals vergeten of afgeleid zijn.

Casus

Een partner verwijt je ontrouw omdat hij/zij transactioneel redeneert: "jij doet iets → dat betekent X, want zo werkt dat bij mij".

Casus

Een vrouw zet de fietsbanden van haar man plat, zodat hij de auto moet nemen. Zo neemt hij hun zoon mee en hoeft zij hem niet naar school te brengen.